Hoe selecteer ik een mixfonds? 10 belangrijke vragen en antwoorden

Bron: Morningstar, 05/01/18

Zelf beleggen voor een goede oude dag is immers een verantwoordelijkheid die niet licht genomen dient te worden. Voor al die mensen die hier tegenop zien, een gebrek aan tijd of aan kennis hebben, kunnen mixfondsen uitkomst bieden.

Hoewel een mixfonds veel eenvoud en gemak biedt, kan het selecteren van een goed en passend mixfonds nog een lastig karwei zijn. Morningstar helpt de belegger met de volgende tien vragen op weg.

1. Wat is mijn risicoprofiel?
Allereerst is het belangrijk om te weten hoeveel risico je als belegger aankunt. Een belangrijke factor is de financiële situatie nu en in de toekomst. Welke potjes zijn er bijvoorbeeld naast deze beleggingsportefeuille nog om tijdens het pensioen van te leven. Daarnaast is een goede inschatting van het gewenste inkomen tijdens het pensioen belangrijk.

Voor de opbouw van pensioeninkomen zal over het algemeen een lager risico gewenst zijn dan voor een tweede huis. Ook risicotolerantie is belangrijk. De financiële situatie staat wellicht een hoog risico toe, maar als een belegger daardoor ’s nachts wakker ligt, is een lager risicoprofiel aan te raden.

2. Wat voor mixfonds past bij mijn risicoprofiel?
Gebaseerd op het risicoprofiel kan een keuze worden gemaakt voor een categorie waar mixfondsen op basis van hun risico worden ingedeeld: defensief, neutraal of offensief. Een defensief mixfonds zal veel meer beleggen in obligaties dan in aandelen, bijvoorbeeld in een verhouding van 20% om 80%. Voor een offensief mixfonds geldt eerder een omgekeerde verhouding, terwijl een neutraal mixfonds daar eerder tussen inzit met een 50/50 verhouding.

De belegger die niet te voorzichtig hoeft te beleggen, kan ook kiezen voor de categorie met een variabele assetmix, de beheerder van het mixfonds is dan (binnen bepaalde bandbreedtes) vrij om te beslissen hoeveel hij op een bepaald moment in aandelen of obligaties belegd.

3. Waarin beleggen deze mixfondsen?
De keuze voor een categorie is een eerste stap, maar nog lang niet het halve werk, want binnen een categorie zijn nog voldoende smaken te vinden. Het is dus zaak om te controleren hoe een mixfonds het vermogen spreidt over bijvoorbeeld aandelen en obligaties. En hoe wordt er binnen deze twee categorieën weer belegd? Worden daarnaast contanten aangehouden en zijn er posities in bijvoorbeeld vastgoed of grondstoffen?

4. Kan en wil ik valutarisico lopen?
Valuta’s zijn lastig te voorspellen. Ze kunnen mogelijk rendement toevoegen, al zijn de resultaten hier in het verleden wisselend. Aan de andere kant is het zeker dat ze bijdragen aan een hoger risico, in de vorm van grotere bewegelijkheid van de rendementen. Een belegger die zekerheid wenst, kiest voor een mixfonds dat alleen in Europa belegt of een dat weliswaar wereldwijd belegt, maar het valutarisico (volledig) afdekt.

5. Komt het historisch rendement overeen met mijn verwachtingen?
Historisch rendement is een slechte voorspeller voor toekomstige opbrengst. Maar toch kan het historisch rendement inzicht geven in de mate waarin een fondsbeheerder zich in het verleden van zijn taak gekweten heeft. Het verleden kan ook iets zeggen over de beleggingsmix in de toekomst. Gegevens over historische rendementen in combinatie met risico uit het verleden kunnen ook waardevolle informatie zijn. Als een mixfonds in het verleden meer dan andere vergelijkbare fondsen in aandelen heeft belegd, dan zou daar ook een hoger historisch rendement tegenover moeten staan. Meer aandelen in het fonds betekent in de regel ook meer risico.

6. Heeft de vlag de lading gedekt?
Mixfondsen mogen dan bekend staan als defensief, offensief of neutraal, belangrijk is om te weten of deze indeling klopt met de praktijk. Komen de risico’s uit het verleden overeen met het risicopredicaat? En bovendien, komt het risicoplaatje van het mixfonds (bijvoorbeeld volatiliteit en maximaal verlies) wel overeen met het risicoprofiel dat de belegger zichzelf toedicht?

7. Actief of passief?
Steeds vaker bestaan mixfondsen niet meer uit individuele effecten of actief beheerde beleggingsfondsen, maar heeft de belegger ook de keuze uit mixfondsen die beleggen in passieve indexvolgers. De keuze tussen actief en passief is een belangrijke. Wie kiest voor actief beheer rekent erop dat een fonds het beter doet dan vergelijkbare fondsen en/of de markt(indices). Kiezen voor indexfondsen of trackers betekent lagere kosten in vergelijking met actief beheerde fondsen en de zekerheid van een rendement gelijk is aan dat van de (gevolgde) index minus de kosten.

8. Wat zijn de kosten?
Kosten zijn een van de weinige zaken die een belegger zelf in de hand heeft en van wezenlijke invloed zijn op het rendement. Een verschil in kosten van bijvoorbeeld 0,25% lijkt niet veel, maar werkt op lange termijn zeer sterk door in het rendement. Betaal dus niet te veel voor een mixfonds, al zijn kosten niet de enige bepalende factor in de keuze voor een passend mixfonds.

9. Wordt het mixfonds beheerd door een capabel team?
De kwaliteiten van het beheerteam zijn vaak moeilijk in te schatten, maar daarmee niet minder belangrijk. Wie staan er aan het roer van het fonds? Een team van beheerders, analisten en/of strategen zou duidelijk de voorkeur genieten, omvang en ervaring van het team spelen hierbij een belangrijke rol.

10. Zijn mixfondsen een specialiteit van het fondshuis?
Fondshuizen die mixfondsen aanbieden omdat ze daar goed in zijn, hebben een streepje voor. Hoewel moeilijk meetbaar, kan bijvoorbeeld gekeken worden hoe lang een fondshuis al actief is met mixfondsen. Een goede en uitvoerige informatievoorziening aan beleggers kan een indicatie zijn dat het fondshuis mixfondsen belangrijk vindt binnen het productaanbod.

Ruime keuze aan gemengde fondsen (mixfondsen bij MeDirect).

Via onze fondsenzoeker en handige filtermogelijkheden kunt u heel eenvoudig zoeken op naam, ISIN nummer of gewoon ‘gemengde fondsen’ selecteren in de categorieën.

Of u bekijkt even onze ‘Top 5 Gemengde Fondsen‘ die recent nog werd vernieuwd.

Morningstar: dit zijn de beste fondshuizen

Bron: Morningstar, 05/01/18

Om ons zo een beter beeld te kunnen vormen over de beleggingscultuur die er binnen een fondshuis heerst en in welke mate de belangen van beleggers voorop staan.

Deze informatie wegen we in onze kwalitatieve fondshuisanalyse, op basis waarvan we een fondshuis beoordelen als benedengemiddeld, gemiddeld of bovengemiddeld. Deze score is weer een van de vijf onderdelen van onze kwalitatieve fondsanalyse, die uitmondt in de Morningstar Analyst Rating. In dit artikel licht ik ons raamwerk voor de kwalitatieve fondshuisanalyse toe en zien we welke fondshuizen door Morningstar als bovengemiddeld worden beschouwd.

De kwaliteit van een fondshuis beoordelen we aan de hand van een separate fondshuisanalyse, waarbij we op basis van onze fondsdata in onze database Morningstar Direct en via gesprekken met de CIO’s en CEO’s van fondshuizen ons een beeld vormen over het fondshuis. Die fondshuisanalyse bestaat uit verschillende elementen, waarvan ik er een aantal hierna bespreek.

Compensatiestructuur

De compensatiestructuur is een element dat voor ons belangrijk is. We zien graag dat de variabele beloning van beheerders gekoppeld is aan de langetermijn prestaties van een beleggingsfonds in plaats van aan de groei van beheerd vermogen. Door de vergoeding te koppelen aan de prestaties van de fondsen zijn de belangen van de fondsbeheerder in lijn met die van zijn beleggers en dat is iets waar wij absoluut voorstander van zijn.

Hetzelfde geldt voor het beleggen in eigen fondsen, wat volgens ons een goede manier is om de belangen van beleggers en fondsbeheerders in lijn te brengen. We willen erachter komen of dit bij fondshuizen eerder regel dan uitzondering is.

Fondsaanbod

Het productbeleid van een fondshuis vinden we altijd erg interessant. We willen uiteraard begrijpen wat de kernstrategieën van een fondshuis zijn en of er strategieën zijn waarin een fondshuis echt uitblinkt. Tegelijkertijd kijken we kritisch naar de omvang en kwaliteit van het fondsaanbod. We hebben een sterke voorkeur voor fondshuizen die zich concentreren op beleggingsstrategieën waarin ze duidelijk expertise hebben en waarbij ze echt het verschil kunnen maken, in plaats van fondshuizen die een uitpuilend maar middelmatig fondsaanbod handhaven.

We vinden het ook getuigen van een sterke beleggingscultuur wanneer een fondshuis terughoudend is met het lanceren van nieuwe producten in plaats van fondshuizen die voor iedere nieuwe beleggingstrend een nieuw fonds oprichten. Een fondshuis moet naar onze mening dicht bij zijn bewezen expertise blijven in plaats van alles voor iedereen proberen aan te bieden.

Capaciteitsmanagement

Hoe een fondshuis omgaat met capaciteitsmanagement is voor ons erg belangrijk. Grote fondsen kunnen een cash cow worden voor fondshuizen, waardoor het aantrekkelijk is om het fonds in omvang door te laten groeien. Daar is op zich niets mis mee, zolang de groei maar niet ten koste gaat van het potentieel van de strategie en er niet voor zorgt dat een fondsmanager door de toenemende assets gedwongen wordt om anders te beleggen dan hij deed.

Een beleggingsfonds kan zo namelijk slachtoffer worden van zijn eigen succes. Wij vinden dat de belangen van de beleggers moeten prevaleren boven het commerciële belang van het fondshuis, en de enige manier om dat in dit geval te doen is door het tijdig sluiten van succesvolle fondsen. Fondshuizen die hebben bewezen hier goed mee om te gaan staan wat ons betreft symbool voor een sterke beleggingscultuur waarin de belangen van beleggers voorop staan.

Kosten

Kosten, als laatste punt, zijn voor Morningstar altijd een belangrijk onderwerp geweest, waarbij we een sterke voorkeur hebben voor fondshuizen die schappelijke kosten rekenen. De hoogte van de kosten zijn naar onze mening een belangrijke factor die het succes van een beleggingsfonds bepalen, waarbij lagere kosten het simpelweg makkelijker maken om outperformance te realiseren. Een fondshuis dat lage kosten rekent kan dus rekenen op onze sympathie.

Door fondshuizen onder andere op deze aspecten te beoordelen willen we ons een beter beeld vormen van de beleggingscultuur en de mate waarin de belangen van beleggers vooropgesteld worden. Investors first is voor ons een belangrijk principe, en we zijn ervan overtuigd dat wat goed is voor beleggers uiteindelijk ook goed is voor fondshuizen.

De beste fondshuizen

In Europa beoordelen we 140 verschillende fondshuizen waarvan we 6 procent beoordelen als benedengemiddeld, 54 procent als gemiddeld en 40 procent als bovengemiddeld. Onderstaand treft u de fondshuizen die wij als bovengemiddeld hebben beoordeeld. Zij scoren een ‘Positive’ beoordeling op de Parent Pillar van Morningstar:

Alken
AXA
BlackRock
BNY Mellon
Capital Group
Comgest
Fidelity
Investec
J O Hambro
JPMorgan
Jupiter
Kames Capital
Kempen
Legg Mason
M&G
MFS
Neuberger Berman
PIMCO
Polar Capital
Robeco
Schroders
SKAGEN
T. Rowe Price
Unigestion

Nauwe samenwerking tussen MeDirect en Morningstar

Morningstar is één van de grootste onafhankelijke onderzoeksbureaus op het vlak van fondsenanalyse en ratings. Morningstar ondersteunt MeDirect bij de wereldwijde selectie van meer dan 500 beleggingsfondsen.

Daarnaast beschikt Morningstar ook over een beleggingsafdeling die onder andere gespecialiseerd is in vermogensallocatie. Samen met het Morningstar team dat een 120-tal analisten telt, stelt MeDirect beleggingsportefeuilles samen. Daarin ligt de nadruk op activaspreiding en solide rendementen. Klanten hebben hierbij de keuze tussen enkele kant-en-klare Modelportefeuilles en Vermogensbeheer voor diegenen die het beheer liever volledig overlaten aan experts.